Fastenhout.nl

 


 

Rakelings aan het niets

 

De schilderijen van Geert van Fastenhout zijn niet bijzonder groot. Ze lijken in een oogopslag te overzien. Ze bestaan uit enkele rechthoekige, elkaar begrenzende kleurvlakken en -banen. Het kleurengamma is donker. De ene keer zijn de elementen symmetrisch gerangschikt, de andere keer wordt die symmetrie juist verschoven. De meeste doeken hebben een zeer donker, rechthoekig middenvlak dat bepaald wordt door een stuk of vier baanvlakken van soms verschillende afmetingen. Anderzijds worden die zijvlakken weer bepaald door het middenvlak en het kader, etcetera.

 

We kennen allemaal het verschijnsel dat we ons, plotseling van het licht in het duister, zeer ongemakkelijk voelen, zelfs in ons eigen huis. De ogen jagen dan op licht. We moeten aan het donker wennen, zoals dat heet. Na enige tijd vinden de ogen houvast: een stoel, een kast, een muur, de deur. We weten weer waar we zijn, we zijn gerust.

    Kijkend naar de schilderijen van Geert van Fastenhout gebeurt welhaast het tegenovergestelde. We staan in het licht en zien, in een oogopslag, dat er een schilderij in de ruimte tegen de muur hangt en dat dat schilderij donker en geometrisch is. Maar al kijkend naar dat formaat en   naar het donker ontglipt langzaam maar zeker de rust, de ogen beginnen te jagen op een zwart dat geen zwart meer is, op een blauw dat boven lichter dan onder is, ofschoon we toch duidelijk zien, pardon – weten dat het hele blauwe vlak met eenzelfde pigment geschilderd is. We zien dat een vlak niet vierkant is, ofschoon het onomstotelijk als vierkant na te meten is. We zien dat eenzelde kleur links in de diepte ligt, terwijl ze zich rechts helemaal op de voorgrond dringt.

      Mankeert er aan de ogen iets? Nee, ze beginnen te zien, ze gaan hun gang. Wij zitten te meten en te rekenen, maar op onze ogen rekenden we niet. Het donker wordt een avontuurlijk gebied. Er is opens geen centrum meer. Alles wat we zien wordt perifeer: we zien het, maar we grijpen het niet.

 

Dat wat we zien ergens opslaan en onthouden kunnen we al evenmin. We draaien onze blik eventjes weg van het schilderij. Als we weer naar hetzelfde doek kijken, heeft alles zich weer teruggetrokken in het huis van het platte, donkere vlak. Maar inmiddels weten we dat er meer is als we onze ogen laten begaan en ons verliezen: dan ontsnappen we uit het platte huis in de wereld van het zwarte licht. Die belevenis, ik denk dat dat emotie is.

 

Dat is eigenlijk voldoende, dat is alles. Het is niet gering. Want vraag me niet welke diepere of hogere gedachten erachter zitten of waarom Geert van Fastenhout uitsluitend met donkere kleuren werkt…. Als ik kijk, zie ik ze leven, op het raakvlak van wat zichtbaar is en het niets.

 

HUUB BEURSKENS

(tekst 1985)